Alleen doen wat functioneel is voor je sport

Aleksandar Rankovic vertelt

Het hoogste jeugdelftal van ADO Den Haag staat onder leiding van trainer Aleksandar Rankovic. De 37-jarige oud-voetballer traint nog steeds elke dag voor zichzelf, maar is vooral bezig met de fysieke gesteldheid van zijn spelers. Zijn technische en medische staf zijn extreem belangrijk. ‘Een team is zo goed als de staf’, is één van zijn overtuigingen.

IMG_1287Aleksandar Rankovic stopte zo’n vier jaar geleden met zijn eigen voetballoopbaan. Helaas ontsierden de laatste jaren vol blessureleed zijn mooie carrière. Toch staat hij er zelf nog goed op. ‘Hoewel ik ben gestopt na veel blessures, voelt mijn lichaam nu elke dag goed. Daar train ik wel iedere morgen voor. Ik werk nu met jonge voetballers, dus ik kan en wil niet met een dikke buik op het veld staan. En ik weet dat als ik niks zou doen, ik dan niet alleen last zou hebben van mijn geblesseerde knie maar van mijn hele lijf. Van jongs af aan heb ik altijd veel gesport, ik heb die beweging nodig. Nu zoek ik dat alleen niet meer in voetbal maar meer in de sportschool, in hardlopen en tennis.’

Al vroeg in zijn loopbaan was Rankovic zich bewust van de eisen die aan een sporter worden gesteld. Hij vogelde zelf uit wat hij extra kon doen om nog beter te worden als voetballer. “Ik was denk ik 17 of 18 en voelde dat ik sterker moest zijn om mijn mannetje te blijven staan in het voetbal. In die tijd werd er nog niet veel aan krachttraining gedaan, dat ging ik zelf doen. Daar heb ik ook fouten mee gemaakt hoor, zeg ik eerlijk. Pakte ik veel te zware gewichten en werd ik een soort body builder. Daar had ik als voetballer niks aan. Gelukkig als je jong bent verandert dat ook snel weer. Maar sinds die leeftijd ging ik dagelijks de sportschool in, ook voor elke lichte veldtraining. Ik had een warming up nodig, wilde spanning in mijn lichaam voelen voordat ik aan een training begon.

Van A tot Z begeleid

Tegenwoordig worden fouten zoals “Ranko” maakte voorkomen, de begeleiding voor jonge talentvolle voetballers is immens verbeterd. Toch moet het niet te betuttelend worden vindt de ADO Den Haag-trainer. ‘Jongens worden nu al vrij jong van A tot Z begeleid, ook bij ons krijgen ze alles aangereikt. Want we willen allemaal dat ze goed worden. In principe kan een voetballer tegenwoordig elke dag zijn voetbalschoenen aantrekken en naar buiten gaan, maar ik ben ervan overtuigd dat échte sporters, degenen die het redden in dit vak, extra trainingen doen voor hun lichaam. Alle jonge jongens zijn zo gek op Cristiano Ronaldo, en terecht. Maar wat ze niet altijd zien is dat hij het ideale voorbeeld is van een prof. Wat hij kan komt door dagelijks keihard trainen, elke dag weer. Ook, of misschien juist zeker, als je zo veel geld verdient. Met er goed uitzien win je niks, je moet er in mijn ogen altijd alles aan doen om je prestaties te verbeteren. Periodisering, werken aan je explosiviteit, het versterken van je core stability, we doen het nu week in week uit met onze spelers. Alles wat je doet moet functioneel zijn voor je sport. En lui zijn kan niet. Dat verwacht ik ook niet van jongens die bezig zijn met de sport waar ze van houden. Het is toch onbetaalbaar dat je sport je vak kan gaan worden? Als je dat elke dag voelt, ben je mentaal ook weerbaar. Er kunnen natuurlijk altijd andere dingen voorvallen in het leven die het zwaar maken, maar op dat voetbalveld moet zijn waar je wilt zijn.’

Persoonlijke bP1150789and

Als hoofdtrainer vertrouwt Rankovic dagelijks op zijn kundige staf. Zowel op technisch als op medisch gebied. Vooral bij dat laatste steunt hij op experts buiten zijn eigen kennisgebied. ‘Ik denk echt dat een team zo goed kan worden als de staf is, zó belangrijk is de begeleiding van de spelers. De fysiotherapeut speelt daar uiteraard een belangrijke rol in. De band tussen een fysio en spelers is totaal anders dan de band die ik heb met spelers, veel persoonlijker. De spelers zien hem of haar elke dag, moeten blind op die persoon vertrouwen. Clubfysio’s zoeken constant naar oplossingen om je beter te kunnen maken, dat is het enige wat ze willen. Annemieke en nu haar vervanger zijn voor ons daar een belangrijke spil. Samen overleggen we veel; wat kan welke speler aan, wie kan er mee het veld op? Vaak moeten we jongens in bescherming nemen, ze afremmen terwijl ze willen spelen. De jongens die ik train hebben best al wel wat meegemaakt, maar hebben nog weinig bagage op het gebied van hun lichaam. Het is fijn wanneer je hen vanuit de staf kan leren wat mogelijk is en hen kan steunen. We monitoren alles. Met de performance trainers, met de diëtiste, met de fysio’s, elke vier weken weten we hoe onze jongens erop staan. Heeft iemand vitamine of proteïne nodig, we weten het. Loopt een bepaalde conditionele ontwikkeling achter, we weten het. De diëtiste leert sommige jongens ook nog eens wat ze moeten eten, bijvoorbeeld wat een goede sportmaaltijd is.’

Rankovic kan leunen op een berg eigen ervaring als speler, hij weet exact wat de valkuilen zijn. Toch deelt hij zijn eigen verhaal bijna nooit. ‘Mijn eigen carrière, die is totaal niet interessant meer. Het zijn andere tijden en ik groeide ook nog eens op in een ander land, het heeft geen zin daarover te vertellen. Met voetbal specifieke zaken probeer ik ze uiteraard wel te helpen, maar niemand zit op mijn oude koeien te wachten hoor. Je bent zo goed als je laatste wedstrijd en die van mij is al heel erg lang geleden’, sluit de jonge trainer af met een glimlach.

Rankovic over Annemieke

‘Alle voetballers leren door te ervaren en Annemieke is erg sterk hen daarbij te helpen. Zeker in een tijd dat ze geblesseerd zijn. Zij vertrouwen haar en de trainers met wie ze werkt ook, iedereen weet dat je blind op haar kunt varen. Ze heeft echt bewezen goed te zijn in haar vak en ik vind haar eigen praktijk echt een geweldige stap voor haar. Deze nieuwe mogelijkheden gaan haar veel succes brengen, daar ben ik van overtuigd. En spelers moeten zich laten behandelen door wie ze zich goed voelen. Uiteraard bij voorkeur op de club, maar als ze dan toch naar iemand anders als extra willen, dan graag naar haar. Dan hoeven wij ons geen seconde zorgen te maken, zij helpt spelers altijd weer goed op weg.’

Alleen doen wat functioneel is voor je sport

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *